Afgeleid van het Latijnse woord acus (scherp) en puncture (doorboren).
De basis voor deze geneeswijze werd meer dan 2000 jaar geleden gelegd in opdracht van de Chinese keizers Fu Shi, Pa Kua en Huang Ti.
Ja, keizer Huang Ti gaf opdracht om alle kennis te verzamelen in het klassieke boek "Huang Ti Nei Jing", het boek over interne ziekten, dat uit twee delen bestaat: Su Wen en Ling Shu.
De overdracht van medische kennis vond plaats van vader op zoon of van leraar op student.
Al jarenlang observeren en registreren mensen nauwgezet zieke mensen en ziektepatronen. Het systeem heeft daarom een empirische basis.
Nee, in de 17e, 18e en 19e eeuw kende de traditionele Chinese geneeskunde (TCM) een dieptepunt door de opkomst van de westerse geneeskunde in China.
In de vroege jaren vijftig van de vorige eeuw liet Mao Zedong acupunctuur en traditionele Chinese geneeskunde op grote schaal en systematisch wetenschappelijk bestuderen. Dit leidde tot een heropleving van de geneeskunde.
Acupunctuur is een volwaardige geneeswijze die zich vooral richt op de hele persoon. Het is dus een holistische of totale geneeswijze, in tegenstelling tot de westerse geneeskunde waar ziekten doorgaans symptomatisch worden behandeld.
De traditionele Chinese geneeskunde (TCM) beoordeelt de mens en zijn gezondheidstoestand op energetische, of beter gezegd functionele, wijze. De westerse geneeskunde kijkt meer naar anatomische structuren, oftewel materiële kenmerken van de mens.
In het menselijk lichaam bevindt zich een netwerk van energiekanalen, ook wel meridianen genoemd, waarin alle energie op een evenwichtige en harmonieuze manier stroomt.
Wanneer de energiebalans verstoord raakt, ontstaan er onevenwichtigheden: ergens is er te veel energie, ergens is er een tekort aan energie of de energie circuleert niet meer (= stagnatie). Deze onevenwichtigheden leiden tot pijn en/of ziekte.
Er zijn grofweg twee groepen: de yang-energie en de yin-energie. Yin en yang zijn definities van zowel tegenstrijdige als complementaire concepten. Ze zijn elkaars tegenpool, maar kunnen niet zonder elkaar bestaan. Er zit een beetje yang in alle yin en een beetje yin in alle yang. Hier is de vergelijking van een aantal elementen als voorbeeld:
YANG: hemel, energie, dag, warm, actief, zon, gaat in beweging, buiten, boven
YIN: aarde, materie, nacht, kou, passief, maan, handhaaft beweging, binnen, beneden.
12 hoofdmeridianen, genoemd naar de 12 organen. 8 extra of wondermeridianen en een aantal secundaire meridianen.
Acupunctuurpunten zijn nauwkeurig afgebakende plaatsen op de meridianen, waar men de beste invloed kan uitoefenen op de bloedsomloop en de energiebalans. Deze punten hebben een diameter van slechts +/- 1 mm en moeten daarom zeer zorgvuldig worden opgespoord voor behandeling. Elke meridiaan heeft een specifiek aantal punten.
Bijvoorbeeld: de maagmeridiaan heeft 45 punten, de blaasmeridiaan 67. Het totale aantal meridiaanpunten is 365. Daarnaast zijn er nog veel extra punten die buiten de meridianen liggen.
Afhankelijk van de locatie varieert de diepte van enkele millimeters tot enkele centimeters.
Het inbrengen van de naald is nauwelijks voelbaar. Wanneer de naald op de juiste diepte zit, past de therapeut een naaldtechniek toe. Dit geeft een elektrische schok of een gevoel van zwaarte. De Chinezen noemen dit 'Deqi' en dit is ook nodig om een acupunctuurpunt te beïnvloeden.
Over het algemeen geldt dat hoe acuter een probleem is, hoe sneller de reactie optreedt; hoe chronischer het probleem, hoe trager. Soms is één behandeling zelfs voldoende om een recente of acute klacht te verhelpen. Bij chronische klachten kan men na slechts enkele (4-5) behandelingen verbetering verwachten.
De acupuncturisten van BAF werken uitsluitend met steriele wegwerpnaalden en niet met zelfsteriliserende naalden. Dit is vanuit hygiënisch en veiligheidsoogpunt.
Zelden. Soms kan een nerveus persoon zich tijdens een eerste acupunctuurbehandeling even misselijk voelen. Uw ervaren therapeut zal dit direct verhelpen.